Taman Indonesia heeft ook een speciale website voor mobiele telefoons. Wilt u deze gebruiken?

Specerijenroute

Ontdek de volgende planten tijdens de specerijenroute:

 1. Ketoembar ofwel koriander

Ketoembar bestaat uit het gemalen zaad van de korianderplant. De zaadjes hebben juist een kruidige, aromatische smaak die lijkt op anijs en sinaasappel. In Indonesische gerechten wordt zeer veel ketoembar gebruikt, meestal in combinatie met komijn, in de vaste verhouding 2:1.

 

 ketoembar

 

Recept

2. Djinten ofwel komijn


Djinten is een plant uit de schermbloemen familie, zusje van bijvoorbeeld anijs, karwij en venkel. We gebruiken eigenlijk alleen de zaadjes. Onmisbaar in de Indonesische keuken, maar ook daarbuiten wordt het veel gebruikt. Oerhollands is de komijnenkaas.

 

komijn

 

Recept

3. Sereh ofwel citroengras

Sereh, in het Nederlands citroengras, is een echte smaakmaker. Deze grassoort kun je gekneusd of heel in je boemboes meekoken. Ideaal voor bijvoorbeeld vleesgerechten of Soto Ayam.

 

Tip: Je kunt er ook heerlijke thee van trekken! (bijvoorbeeld met gember).Of lekker in je hippe waterbeker voor een frisse smaak. 

 

Sereh 

 

 Recept Soto Ayam

 

4. Laos ofwel Lengkuas

Laos is een populair kruid in de Indonesische keuken. De frisse, bitterzoete geur is bedwelmend sterk en doet denken aan citrusvruchten. Alleen al om de geur is het een genot om met laos te werken. De smaak doet denken aan die van gember en is tegelijkertijd friszuur en prikkelend. Laos is daarmee uitermate geschikt om gerechten de kenmerkende ‘Oosterse’ smaak te geven.

 

laos 

 

5. Kemangi ofwel citroenbasilicum


Deze lekkere plant is familie van de Italiaanse basilicum. De blaadjes zijn dun, mals en doorschijnend en smaken heel sterk naar citroen. 

Heerlijk in salades of bij visgerechten.

 

 

 Recept Pecel lele.

6. Jeruk Perut ofwel citroenblad

Je kunt citroenblad heerlijk meestoven in curries, vleesgerechten en soepen (soto!). In reepjes gesneden (zonder de nerf) in soepen of ter garnering op curries, salades, noem maar op.

Tip: Je kunt de Jeruk Perut ook goed als huiskamer plant houden, heb je altijd een mooie verse voorraad in huis.

 

citroenblad

 

7. Jasmijn ofwel Melati

Het meest geurende plantje van Indonesië. Veel Indische mensen hebben hem in de kamer omdat de bloemen zo heerlijk geuren, en in Indonesië vind je hem op menig terras. In Indonesië wordt de thee vermengd met Jasmijn wat een heerlijke smaak geeft.

 

jasmijn

 

8. Kumis Kucing ofwel kattensnor

Kattensnor, de plant waarvan Javaanse nierthee is gemaakt, wordt in Indonesië kumis kucing genoemd. Kumis betekent snor en kucing betekent kat. Kumis kucing betekent dus kattensnor. De bloemen van de plant lijken inderdaad sprekend op een kattensnor. Deze thee wordt nierthee genoemd omdat het goed is voor de nieren. 

 

 

9. Daun Dewa

In Indonesië wordt de plant Daun Dewa genoemd, (wat zoiets als goddelijke plant betekent) of Daun Sambung. Deze kruidenplant helpt bij diabetes, hoge bloeddruk en zelfs tegen kanker. Dat de plant het genezen van wonden bespoedigt, lijdt geen twijfel. En er zijn ook rapporten van een gunstige werking op het glucose peil van het bloed bij diabetes type 2 patiënten.
Jonge bladeren worden meestal rauw in slaatjes verwerkt en soms net als spinazie bereid. In sommige streken worden oudere, hardere bladen gedroogd en er wordt thee van gezet.

 

 

10. Gember ofwel Jahe

Gember is een in de keuken gebruikte specerij met een vrij sterke, maar voor de liefhebbers aangename smaak. Je houdt ervan of je houdt er niet van.  Gember wordt gewonnen uit de wortelstok van de gemberplant, en heeft een gezonde werking. Gember verlicht verkoudheid, migraine en is een ideaal middel om mee af te vallen omdat het ervoor zorgt dat je meer speeksel aanmaakt, en helpt bij de spijsvertering.

 

 

11. Koffie

In Indonesië komen de Robusta koffieplanten voor. Hoewel de smaak minder rijk is dan Arabica koffie, heeft Robusta het economische voordeel ze het goed gedijt in makkelijk toegankelijk laagland terwijl het goed bestand is tegen vele ziektes. De beroemdste Robusta (en misschien wel koffie) uit Indonesie. De bonen worden verzameld uit de uitwerpselen van de Civetkat ook wel bekend als Loewak en te zien in dit park.

 

12. Thee

Thee uit Indonesië heeft een zachte, soepele smaak. De reden dat deze smaak zo vertrouwd is voor Nederlanders, komt door de eeuwenoude verbintenis met Indonesië. Het grootste gedeelte van de theeproductie komt van de eilanden Java en Sumatra. Van Java komen geurige, zachte en kruidige theeën. Op Sumatra wordt meer volle krachtige thee geproduceerd.

 

13. Cacaoboom

Het is wonderlijk. In Indonesië, de op twee na grootste cacaoproducent ter wereld, wordt nauwelijks chocolade gemaakt. De cacaoboom is een lastige boom om te houden. Een cacaoboom wordt meer dan 50 jaar oud, tot 10 meter hoog en heeft een matig dikke stam. Als de boom ongeveer 4 jaar oud is, gaat hij bloeien. De kleine witte of roze bloemen zitten direct op de stam en op de dikke takken; dit verschijnsel heet cauliflorie. Als hij eenmaal is gaan bloeien, bloeit de cacaoboom zonder ophouden vrijwel het hele jaar door. De boom draagt dan ook constant vruchten. Ondanks de lange bloei, levert de cacaoboom maar 30 tot 40 vruchten per jaar. Deze vruchten lijken op langwerpige meloenen. Ze worden geplukt en vervolgens opengebroken. De cacaobonen liggen in het midden van de steenvrucht. Elke vrucht bevat 40-50 'bonen', die elk ongeveer een gram wegen.

 

 14.Rawit (hete peper)

De vlezige vruchten van de vele soorten peperplanten kunnen 1 tot 20 centimeter lang zijn. De chilipeper wordt ook wel Spaanse peper genoemd of lombok. Cayennepeper is de gedroogde vorm van rode chilipepers. De rawit is een van oorsprong Spaanse peper. Deze peper is langwerpig en smal en algemeen bekend zijn de groene en de rode rawits. De rawit is zeer heet. Deze scherpe smaak wordt veroorzaakt door de stof capsaicine, die zich vooral concentreert in de zaadlijsten en pitjes van de peper. Capsaicine lost nauwelijks op in water, maar zeer goed in vet. Spoelen met water helpt dus niet om de hete smaak weg te krijgen, melk wel.

 

 15. Taro / Keladi ofwel olifantsoor

Colocasia esculenta of Olifantsoor plant wordt overal ter wereld in tropische regio geteeld voor de eetbare knol. Hij staat het liefst moerassig: heel nat of met de voeten in het water. De bladeren kunnen 70 cm lang worden en sommige soorten hebben bladeren van meer dan 1 m die als paraplu worden gebruikt bij hevige regenval. De knol en de jonge plantjes zijn eetbaar maar slechts na langdurig koken: de hele plant is toxisch!

 

 

16. Rijst

Oorspronkelijk is rijst geen waterplant, maar heeft zich heel lang geleden door middel van kweken en natuurlijke selectie aangepast aan de onderwater staande velden. Om onkruid en ongedierte te voorkomen, De belangrijkste reden waarom de velden bij het verbouwen van rijst onderwater staan, is dat men onkruid en ongedierte wil voorkomen.
Na 6-8 weken onstaan de eerste oogstrijpe rijstaren. De rijst valt oftewel vanzelf van de halm, of u kunt de plant een handje helpen. Uit één rijstplant onstaan ongeveer 10 halmen, die ongeveer 70 cm hoog worden. Uit de bloeiende pluim verkrijgt u ongeveer 80 tot 100 rijstkorrels.

 

17. Pinangboom ofwel betelplant

De betelnoot (of arekanoot) is het zaad van de palm. Botanisch gezien is een noot geen zaad maar een type vrucht, en in het geval van de betelpalm is ook de vrucht geen noot, maar een steenvrucht. Deze noot is geliefd voor zijn opwekkende werking. In Indonesië noemt men het: het kauwen van de "Sirih-Pinang". De noot wordt in kleine brokjes gehakt en ingepakt in een stuk betelblad (niet van de betelpalm maar van de betelpeper ook hier in de tuin te zien) en vermengd met wat ongebluste kalkkruidnagel en pruimtabak. Het gecombineerd gebruik met kalk versterkt het effect van de betelnoot doordat de stof areciline omgezet wordt in de werkzame stof arecaidine. De kalk is, afhankelijk van wat de omgeving te bieden heeft, afkomstig van kalkrotsen, koraalzeeschelpen of slakkenhuisjes.

Er ontstaat bij menging een rode pasta die bij het kauwen het speeksel vuurrood kleurt. Bij chronisch gebruik verkleuren de tanden rood. Na het kauwen worden de dan smakeloos geworden resten uitgespuugd. Dit zorgt voor kleine rode spuugplekken op de grond. Omdat dit een onsmakelijk gezicht is, is het kauwen van betel verboden op sommige openbare plekken.

 

 

 18. Daun Salam

Daun salam, in het Nederlands ook wel salamblad, is het blad van de boom Eugenia polyantha. Het wordt - doorgaans in gedroogde vorm - gebruikt in de Aziatische keuken en wordt ook wel "Indonesische laurier" genoemd. De smaak is citroenachtig. Het kan onder meer gebruikt worden als ingrediënt van stoofschotels en bij het op smaak brengen van seroendeng. In combinatie met Laos galangawortel geeft het de specifieke smaak aan Indonesische groentengerechten zoals sajur lodeh en sajur buncis.

Het blad wordt ook vaak in combinatie met citroengras (sereh) gebruikt.

 

19. Betelblad ofwel Sirih

Betelpeper is een plant uit de familie van de peperachtigen en is vooral bekend door het gebruik van het betelkauwen (in Indonesië: het kauwen van de Sirih-Pinang).

De Betelpeper is een kruid waarvan de bladeren medische eigenschappen hebben. Het is een meerjarige, groenblijvende klimplant met hartvormige bladeren en witte samengestelde bloemtrossen.

 

20. Pandan ofwel schoefpalm

De bladeren worden, vers of gedroogd, vooral veel gebruikt bij de bereiding van  Indonesische rijst- en curryschotels. Ze geven een wat nootachtige smaak. Om de smaak over te brengen worden de bladeren soms meegekookt (gebundeld, zodat ze makkelijk weer verwijderd kunnen worden) of bijvoorbeeld eerst geweekt in kokosmelk die dan later aan het gerecht wordt toegevoegd. Ook kunnen de bladeren tot een mandje verwerkt worden waarin de rijst vervolgens gekookt of gestoomd wordt.

Een ander bekend gerecht met pandansmaak is pandancake - een zeer luchtige sponscake die origineel zijn lichtgroene kleur ontleent aan het chlorofyl uit het sap van de gebruikte verse pandanbladeren.

 

21. Bananenplant

De bananenplant wordt vaak bananenboom genoemd, omdat hij een schijnstam heeft. Vanuit het middelpunt wordt steeds een nieuw bladerendek omhooggeduwd, vervolgens ontvouwt het zich. De schijnstam van de grootste bananensoort kan een omvang van maar liefst drie meter krijgen. Hier op de Taman hebben we een aantal verschillende bananensoorten, maar de lekkerste zijn natuurlijk de kleine pisang susu!

 

22. Zuurzak ofwel Sirsak

De Zuurzak wordt ook wel liefkozend Durian Belanda genoemd. Veel mensen lusten de echte durian niet (stank!) maar wel de zoetzuree sirsak. In de tropen wordt van deze vrucht dan ook een heerlijke frisdrank gemaakt.

 

23. Nangka ofwel Jackfruit

Nangka is familie van de broodvrucht. Alleen kan de nangka nog veel groter worden. De geelgroene, langwerpige vrucht kan wel een meter lang worden en heeft een doorsnede van 50 cm. Het gewicht kan oplopen tot wel 40 kilo per vrucht. De schil is bezet met kleine driekantige stekels. Nangka smaakt aromatisch en zoet, een beetje naar banaan. Onrijpe vruchten worden gekookt of gebakken en als groente gegeten in de Oosterse keuken. De geur is sterk, maar veel minder afstotend dan van de Durian. In de nangka zitten honderden langwerpige zaden die geroosterd kunnen worden.

 

Recept: Nasi Gudeg

 

24. Limoenboom ofwel Jeruk

De vruchten van de Lime Verde zijn kleine groene ronde vruchten, het formaat van een mandarijn. De vrucht van de limoenboom is heerlijk om zo te eten en smaakt heerlijk fris. Ideaal voor in gerechten of voor een fris drankje zoals Es Jeruk wat je in Indonesië op elke hoek kunt kopen.

 

25. Passievrucht

De passievrucht is wellicht een van de lekkerste vruchten ter wereld. Mensen uit de tropen trekken de vrucht met hun handen open om hem zo in een keer leeg te zuigen. De passiebloem is een klimplant met mooie bloemen die familie is van de passievrucht.

 

26. Mangoboom

De mango is misschien wel de belangrijkste vrucht uit de tropen. Rijpe vruchten worden als handfruit gegeten en onrijpe vruchten kunnen als groente worden bereid of worden ingelegd in zoetzure curry's. De bloesem van de mangoboom is ook eetbaar en levert bovendien een zoete honing. Het hout van de mangoboom kan worden gebruikt voor de fabricage van meubels.